De boerderij en klompenmakerij zijn eigendom van de familie Ligterink. Tijdens de oorlog woonden Jan en Siena Ligterink daar samen met hun kinderen Wim, Hans en Gerrit en Jan's moeder, mevrouw Ligterink-Duenk. Anno 2025 wonen twee kleinzoons van Jan en Siena met hun gezinnen op dezelfde locatie.

Vanaf de zomer van 1942, toen de situatie steeds nijpender werd door de Duitse maatregelen, zoals de invoering van de Arbeitseinsatz (dwangarbeid) en de vervolging van de Joden, begon het verzet beter georganiseerd te worden. Veel verzetsgroepen in de Achterhoek werden gevormd uit mensen die betrokken waren bij de LO (Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers), de KP (Knokploegen).

De gemeente Aalten in de Achterhoek met de vele landelijke gebieden, was een belangrijk gebied voor onderduikers. De regio was een toevluchtsoord voor mensen die zich voor de Duitsers verborgen. Groepen als de LO hielpen onderduikers te verschuilen en zorgden voor valse papieren en onderduikadressen. Ome Jan Wikkerink en Kees Ruizendaal beiden actief binnen de LO waren belangrijke sleutelfiguren in de samenwerking tussen de verschillende verzetsgroepen.

De KP waren gewapende verzetsgroepen die zich richtten op het uitvoeren van gevaarlijk werk. U moet hierbij denken aan het beroven van distributiekantoren, het uitschakelen van gevaarlijke tegenstanders, sabotagewerkzaamheden, de wapendroppingen en het zo snel mogelijk verbergen van het materiaal, en het in elkaar zetten van de wapens. Jan Ligterink had een belangrijke positie binnen de KP en stond bekend om zijn daadkrachtig optreden.

Het kantoor van de klompenmakerij van Jan Ligterink van de Scheper, werd door het verzet gebruikt voor het in elkaar zetten van gedropte wapens, en voor het geven van instructies over het gebruik ervan. Dankzij een speciale vergunning mochten ze ’s nachts in de klompenmakerij werken. Regelmatig waren de verzetsmensen aan het werk in het kantoor, terwijl Jan zelf bezig was met het maken van klompen.

Op een nacht gebeurde er iets ingrijpends. Een geallieerd vliegtuig werd neergeschoten, en de bemanning werd niet gevonden. Er volgde een klopjacht, waarbij alles werd doorzocht. De Duitsers kwamen ook naar de klompenmakerij. Toen ze Duits hoorden praten, doofden de verzetsleden snel het licht. Hun leider, Gerrit (F. de Vries), een ex-marinier en kopstuk van het Achterhoekse verzet, gebaarde de anderen om stil achterin de ruimte te blijven. Zelf nam hij positie bij de deur, klaar om te schieten als dat nodig was. Jan Ligterink vertelde de Duitsers dat hij niets had gezien of gehoord en dat hij een vergunning had om ’s nachts klompen te maken voor de Duitse Wehrmacht. Toen de Duitsers vroegen wat er zich achter de deur bevond, antwoordde Jan dat daar een kantoor was, maar dat daar ’s nachts niet werd gewerkt. De Duitsers waren tevreden met het antwoord en vertrokken. Klompen maken voor de Wehrmacht werd immers als onschuldig beschouwd, en zonder verdere problemen gingen ze weer verder.

Jan en Siena Ligterink van de Scheper stelden hun huis open voor onderduikers. Ze organiseerden op zaterdagavonden speciale ontspanningsavonden met spelletjes en gezellig samenzijn. Er werden veel hilarische verhalen gedeeld over en door de onderduikers, maar er waren ook moeilijkheden. Sommige onderduikers konden zich niet aanpassen en moesten naar een andere plek elders in het land worden verplaatst.

Tijdens de oorlog schreef Siena Ligterink verschillende gedichten, en aan het einde van de oorlog heeft ze samen met een commissie gewerkt aan het openluchtspel ‘Ho’t d’r hear ging 1940-1945’.

Jan en Siena Ligterink hebben tijdens de oorlog met inzicht, moed en wijsheid veel gedaan voor hun naasten.